Is het de witgoed of het witgoed? Het juiste lidwoord is:
witgoedfabrikant | witgoedwinkel | witgoedbedrijf | witgoedbezorger | witgoedwarenhuis | witgoedsector | Elektronica- en witgoedwarenhuis | Witgoedbezorgers | Witgoedbezorgertje | Witgoedbezorgertjes | Witgoedwarenhuizen | Elektronica- en witgoedwarenhuizen | Witgoedfabrikanten | Witgoedfabrikantje | Witgoedfabrikantjes | Witgoedsectoren | Witgoedsectors | Witgoedwinkels | Witgoedwinkeltje | Witgoedwinkeltjes
afbraakprijs | energieopslag | groeicapaciteit | mijnheer | putting | verdikking | mensensoort | peiltoestel | groepsuitwerking | realitie | asverntentie | makelaarsopleiding | Chronoscoop | Duizendvoudig | Tweehonderdentweeëntachtig | Wisten | Bijsta | Dichtmaakte | Goorst | Aankomelingetjes | Buurtkranten | Sfeervol | Bankrovertje | Broodroostertjes | Haardrogertjes | Houtwormpje | Pedagoogjes | Si-voorvoegseltje | Vastgoedfraudeurs | Verkreuken | Wildernisje | Zweterigste | Centrumspitsen | Bevreemdt | Delinquenties | Vreterijtje | Granulerende | Klaarmakende | Omroerende | Gesprekstolken