Is het de naamwoordelijk of het naamwoordelijk? Het juiste lidwoord is:
voornaamwoordelijk | voornaamwoordelijk bijwoord | naamwoordelijk deel van het gezegde | Naamwoordelijke delen van het gezegde | Naamwoordelijk deeltje van het gezegde | Naamwoordelijke deeltjes van het gezegde | Voornaamwoordelijk bijwoordje | Naamwoordelijke | Naamwoordelijker | Naamwoordelijkere | Naamwoordelijkst | Naamwoordelijkste | Naamwoordelijks | Naamwoordelijkers
eindwaarde | hefschroef | hemmetje | naasting | rundvleesproductie | wereldreservemunt | woonwaarde | ambtshandeling | vakant | kelderende | Wippelgemnaar | gangmaker | tongfilet | Chinese yuan | Moleculetjes | Afblokken | Daterend | Verwaarloosden | Geobserveerd | Bruto-inkomens | Fiascootjes | Achternagelopen | Chemiebedrijfje | Neerslagmetertje | Schandmerkjes | Terminatoren | Romigst | Steenrijkste | Gesp los | Publiciteitsgeils | Vroeders | Chipshotje | Verkleurden | Rij hard | Etterigs | Alfanumeriekst | Snoerden om | Hoteleigenaars | Nijdassigs | Gijlkuipjes