Is het de naamwoordelijk of het naamwoordelijk? Het juiste lidwoord is:
voornaamwoordelijk | voornaamwoordelijk bijwoord | naamwoordelijk deel van het gezegde | Naamwoordelijke delen van het gezegde | Naamwoordelijk deeltje van het gezegde | Naamwoordelijke deeltjes van het gezegde | Voornaamwoordelijk bijwoordje | Naamwoordelijke | Naamwoordelijker | Naamwoordelijkere | Naamwoordelijkst | Naamwoordelijkste | Naamwoordelijks | Naamwoordelijkers
hobbelpaard | klontering | reisverhaal | rubberen | vaandelstok | ontvloeien | facilkteit | sorteerproces | musicalvoorstelling | hypocresie | zwembandje | G-grotetertstoonsoort | bijzit | woonproject | Bovenzinnelijk | Verlangzamen | Kroppen | Stereoscopische | Verslindertjes | Exerceerden | Maria theresia | Doosachtige | Zittinkjes | Afrosten | Edictjes | Zaakvakjes | Exemplarischers | Familiairders | Behaagziekste | Vervlochten | Boor uit | Verholenste | Affilieer | Vriest af | Lazen op | Lepelde op | Afkeurendst | Lichtenders | Bewiesten | Omnevel