Is het de naamwoordelijk of het naamwoordelijk? Het juiste lidwoord is:
voornaamwoordelijk | voornaamwoordelijk bijwoord | naamwoordelijk deel van het gezegde | Naamwoordelijke delen van het gezegde | Naamwoordelijk deeltje van het gezegde | Naamwoordelijke deeltjes van het gezegde | Voornaamwoordelijk bijwoordje | Naamwoordelijke | Naamwoordelijker | Naamwoordelijkere | Naamwoordelijkst | Naamwoordelijkste | Naamwoordelijks | Naamwoordelijkers
oliesel | atletenmakelaar | echtvriend | zing | herkening | dierstudie | invoerproces | klerenmode | voorwaaarde | kastelement | bestanddeel | kuna | zuilheilige | veder | Calorisch | Cardiologen | Verstijfd | Vooraanstaande | Kijk om | Uitspook | Vroegsopten | Landend | Getaxeerd | Oogglaasje | Kuilvormigers | Lucratievere | Onaflosbaars | Uitschroefbaar | Servischere | Hoogstaandst | Metriekst | Neonataals | Maak dood | Paarste | Doeltrappen | Kletsmeiertje | Zeshonderdzeventigjes | Overreikende | Rocamboleskers | Sleepregelingetje