Is het de bisschop of het bisschop? Het juiste lidwoord is:
aartsbisschoppelijk | bisschopshuis | bisschopsbenoeming | aartsbisschop | bisschopstangare | bisschopswijn | Oud-bisschop | Bisschoppelijk | Bisschoppen | Aartsbisschoppelijke | Bisschoppelijke | Aartsbisschoppen | Aartsbisschopje | Aartsbisschopjes | Bisschopje | Bisschopjes | Bisschopstangares | Aartsbisschoppelijker | Aartsbisschoppelijkere | Aartsbisschoppelijkst | Aartsbisschoppelijkste | Aartsbisschoppelijks | Aartsbisschoppelijkers | Bisschoppelijker | Bisschoppelijkere | Bisschoppelijkst | Bisschoppelijkste | Bisschoppelijks | Bisschoppelijkers | Bisschopswijnen | Oud-bisschoppen | Oud-hulpbisschoppen
controlemiddel | geschieden | justitiepaleis | radioactiviteit | stookgelegenheid | tenlastelegging | treinstel | twistvuur | zondagdienst | geldwissel | communnicatie | differensiatie | kinopje | fragmentnummer | ddorgestelde | hinderpaalhierarchie | volmachtafdeling | rui | myeline | pubquiz | Temet | Bezichtigen | Adessieven | Wiegde | Vomeerde | Misziend | Assortimentje | Afrokappers | Bouwwerkjes | Kantelbaarst | Dissidenten | Toontaaltjes | Visduiveltje | Benijdenswaards | Asemde | Spreekwoordelijkere | Strafrechtketens | Verwurgden | Rijdt voort | Wasemigere