De of het werkmakker?

Het juiste lidwoord is:

de werkmakker

  • Meervoud: de werkmakkers
Betekenis mensen waarmee je samenwerkt

Zo gebruik je werkmakker

Met lidwoordde werkmakker
Dit of dezedeze werkmakker
Dat of diedie werkmakker
Ons of onzeonze werkmakker
Jouwjouw werkmakker
Elk of elkeelke werkmakker
Welk of welkewelke werkmakker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote werkmakker, de grote werkmakker
Meervoudde werkmakkers, deze werkmakkers

Voorbeeldzinnen met werkmakker

  • Johns werkmakker Chad Cramer (34) koos ook voor Trump: ‘Niet omdat ik zijn belofte over staal geloofde, maar om niet nog méér te verliezen.’ En dat zou Chad meteen opnieuw doen …
  • Durven werkmakkers van illegale arbeiders de hulpdiensten te verwittigen bij een zwaar arbeidsongeval?

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).