De of het maïsoogst?

Het juiste lidwoord is:

de maïsoogst

  • Meervoud: de maïsoogsten
Betekenis de oogst van maïs

Zo gebruik je maïsoogst

Met lidwoordde maïsoogst
Dit of dezedeze maïsoogst
Dat of diedie maïsoogst
Ons of onzeonze maïsoogst
Jouwjouw maïsoogst
Elk of elkeelke maïsoogst
Welk of welkewelke maïsoogst?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote maïsoogst, de grote maïsoogst
Meervoudde maïsoogsten, deze maïsoogsten

Voorbeeldzinnen met maïsoogst

  • De maïsoogst is weer in volle gang.
  • Want criminelen bleken na de eeuwwisseling steeds vaker stukken maïsakker te kraken: hennepplanten stiekem tussen de manshoge maïs laten meegroeien en ze net voor de maïsoogst oogsten.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).