De of het aanvanguur?

Het juiste lidwoord is:

het aanvanguur

  • Meervoud: de aanvanguren
Betekenis tijdstip dat iets begint

Zo gebruik je aanvanguur

Met lidwoordhet aanvanguur
Dit of dezedit aanvanguur
Dat of diedat aanvanguur
Ons of onzeons aanvanguur
Jouwjouw aanvanguur
Elk of elkeelk aanvanguur
Welk of welkewelk aanvanguur?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot aanvanguur, het grote aanvanguur
Meervoudde aanvanguren, deze aanvanguren

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).