De of het aboma?

Het juiste lidwoord is:

de aboma

  • Meervoud: de aboma's
Betekenis 1. (reptielen) zeer grote en zware wurgslang uit het geslacht Eunectes 2. (straalvinnigen) bepaald soort vis, Aboma etheostoma, uit een monotypisch geslacht in de familie van grondels

Zo gebruik je aboma

Met lidwoordde aboma
Dit of dezedeze aboma
Dat of diedie aboma
Ons of onzeonze aboma
Jouwjouw aboma
Elk of elkeelke aboma
Welk of welkewelke aboma?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aboma, de grote aboma
Meervoudde aboma's, deze aboma's

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).