De of het burgerschapskunde?

Het juiste lidwoord is:

de burgerschapskunde

Betekenis kennis omtrent het staatsburgerschap

Zo gebruik je burgerschapskunde

Met lidwoordde burgerschapskunde
Dit of dezedeze burgerschapskunde
Dat of diedie burgerschapskunde
Ons of onzeonze burgerschapskunde
Jouwjouw burgerschapskunde
Elk of elkeelke burgerschapskunde
Welk of welkewelke burgerschapskunde?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote burgerschapskunde, de grote burgerschapskunde

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).