De of het zonneroosje?

Het juiste lidwoord is:

het zonneroosje

  • Meervoud: de zonneroosjes
Regel Verkleinwoorden (-je, -tje, -pje): altijd het. Bekijk de regel
Betekenis 1. (alleen verkleinwoord, bloemplanten) benaming voor struiken, dwergstruiken en kruidachtige planten uit het geslacht Helianthemum in de zonneroosjesfamilie (Cistaceae), dat ongeveer 110 soorten kent … 2. soort zeeanemoon

Zo gebruik je zonneroosje

Met lidwoordhet zonneroosje
Dit of dezedit zonneroosje
Dat of diedat zonneroosje
Ons of onzeons zonneroosje
Jouwjouw zonneroosje
Elk of elkeelk zonneroosje
Welk of welkewelk zonneroosje?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot zonneroosje, het grote zonneroosje
Meervoudde zonneroosjes, deze zonneroosjes

Woorden die eindigen op zonneroosje

dwergzonneroosje

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Woorden die beginnen met zonneroosje

zonneroosjesfamilie | zonneroosjeskokermot | zonneroosjesmot

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).