De of het zondeloosheid?

Het juiste lidwoord is:

de zondeloosheid

  • Meervoud: de zondeloosheden
Regel Woorden op -heid: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis het zondeloos zijn

Zo gebruik je zondeloosheid

Met lidwoordde zondeloosheid
Dit of dezedeze zondeloosheid
Dat of diedie zondeloosheid
Ons of onzeonze zondeloosheid
Jouwjouw zondeloosheid
Elk of elkeelke zondeloosheid
Welk of welkewelke zondeloosheid?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote zondeloosheid, de grote zondeloosheid
Meervoudde zondeloosheden, deze zondeloosheden

Voorbeeldzinnen met zondeloosheid

  • De zondeloosheid van jonge kinderen was niet altijd vanzelfsprekend.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).