De of het witloofboer?

Het juiste lidwoord is:

de witloofboer

  • Meervoud: de witloofboeren
Betekenis (persoon, landbouw) agrariër die cichorei (Cichorium intybus var. foliosum) teelt op een manier waarbij er geen licht bij de krop komt

Zo gebruik je witloofboer

Met lidwoordde witloofboer
Dit of dezedeze witloofboer
Dat of diedie witloofboer
Ons of onzeonze witloofboer
Jouwjouw witloofboer
Elk of elkeelke witloofboer
Welk of welkewelke witloofboer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote witloofboer, de grote witloofboer
Meervoudde witloofboeren, deze witloofboeren

Voorbeeldzinnen met witloofboer

  • Ge herinnert U nog wel dat Sellekaerts, de slimme witloofboer die zoveel verstand heeft dat hij in de gemeenteraad zit van zijn dorp, tweemaal te reke de eerste ereprijs won in Brussel-Centre.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).