De of het vrijdenkster?

Het juiste lidwoord is:

de vrijdenkster

Zo gebruik je vrijdenkster

Met lidwoordde vrijdenkster
Dit of dezedeze vrijdenkster
Dat of diedie vrijdenkster
Ons of onzeonze vrijdenkster
Jouwjouw vrijdenkster
Elk of elkeelke vrijdenkster
Welk of welkewelke vrijdenkster?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote vrijdenkster, de grote vrijdenkster