De of het viesheid?

Het juiste lidwoord is:

de viesheid

  • Meervoud: de viesheden
Regel Woorden op -heid: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis het smerig zijn

Zo gebruik je viesheid

Met lidwoordde viesheid
Dit of dezedeze viesheid
Dat of diedie viesheid
Ons of onzeonze viesheid
Jouwjouw viesheid
Elk of elkeelke viesheid
Welk of welkewelke viesheid?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote viesheid, de grote viesheid
Meervoudde viesheden, deze viesheden

Voorbeeldzinnen met viesheid

  • Er wordt in deze krant bijna dagelijks geklaagd over huizenprijzen en verkeersdruk, viesheid en vertrutting, terrassen en toeristen, rolkofferwielen en bierwaterfietsen.
  • Aan de viesheid gaat de stad nu iets doen met het Aanvalsplan Schoon Amsterdam 2017, maakte het stadsbestuur woensdagochtend bekend.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).