De of het kapara?

Het juiste lidwoord is:

de kapara

  • Meervoud: de kaparot
Betekenis 1. (Jiddisch-Hebreeuws) verzoening 2. (Jiddisch-Hebreeuws) zoenoffer

Zo gebruik je kapara

Met lidwoordde kapara
Dit of dezedeze kapara
Dat of diedie kapara
Ons of onzeonze kapara
Jouwjouw kapara
Elk of elkeelke kapara
Welk of welkewelke kapara?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kapara, de grote kapara
Meervoudde kaparot, deze kaparot

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).