De of het vakantievriend?

Het juiste lidwoord is:

de vakantievriend

  • Meervoud: de vakantievrienden
  • Verkleinwoord: het vakantievriendje
Betekenis iemand waarmee men op een vakantie vriendschap sluit

Zo gebruik je vakantievriend

Met lidwoordde vakantievriend
Dit of dezedeze vakantievriend
Dat of diedie vakantievriend
Ons of onzeonze vakantievriend
Jouwjouw vakantievriend
Elk of elkeelke vakantievriend
Welk of welkewelke vakantievriend?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote vakantievriend, de grote vakantievriend
Meervoudde vakantievrienden, deze vakantievrienden

Voorbeeldzinnen met vakantievriend

  • En ook Turken zelf komen aan het woord: de vakantievriend van evangelist Baan, een imam uit Apeldoorn en een Kamerlid voor het CDA.
  • Het platform heeft die functie zodat je bijvoorbeeld ook in contact kan komen met een nieuwe collega of oude vakantievriend.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).