De of het tragel?

Het juiste lidwoord is:

de tragel

Betekenis een lage kade langs een rivier, gebruikt om te laden en lossen van b.v. steenkool, waarop soms een jaagpad was aangelegd

Zo gebruik je tragel

Met lidwoordde tragel
Dit of dezedeze tragel
Dat of diedie tragel
Ons of onzeonze tragel
Jouwjouw tragel
Elk of elkeelke tragel
Welk of welkewelke tragel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tragel, de grote tragel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).