De of het toonbankwinkel?

Het juiste lidwoord is:

de toonbankwinkel

  • Meervoud: de toonbankwinkels
  • Verkleinwoord: het toonbankwinkeltje
Betekenis (bedrijfskunde) zaak waar een verkoper de klanten van achter een toonbank bedient

Zo gebruik je toonbankwinkel

Met lidwoordde toonbankwinkel
Dit of dezedeze toonbankwinkel
Dat of diedie toonbankwinkel
Ons of onzeonze toonbankwinkel
Jouwjouw toonbankwinkel
Elk of elkeelke toonbankwinkel
Welk of welkewelke toonbankwinkel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote toonbankwinkel, de grote toonbankwinkel
Meervoudde toonbankwinkels, deze toonbankwinkels

Voorbeeldzinnen met toonbankwinkel

  • Je kunt kiezen tussen een toonbankwinkel en een circulatiewinkel.
  • In de ouderwetse toonbankwinkel op de hoek, bijvoorbeeld, hoorde iedereen wat een vaste klant de kruidenier vertelde, zonder dat het voor andere wachtenden was bedoeld.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).