De of het sneeuwprut?

Het juiste lidwoord is:

de sneeuwprut

Betekenis halfgesmolten sneeuw met modder vermengd

Zo gebruik je sneeuwprut

Met lidwoordde sneeuwprut
Dit of dezedeze sneeuwprut
Dat of diedie sneeuwprut
Ons of onzeonze sneeuwprut
Jouwjouw sneeuwprut
Elk of elkeelke sneeuwprut
Welk of welkewelke sneeuwprut?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote sneeuwprut, de grote sneeuwprut

Voorbeeldzinnen met sneeuwprut

  • Vier dagen voor kerstavond sjokten vader en zoon door de sneeuwprut om een film van Ingmar Bergman te gaan zien.
  • Op Twitter en andere sociale media laten veel stadsbewoners hun ongenoegen hierover blijken. Ze vergelijken de sneeuwprut met braaksel en noemen New York een zwerende afvalberg.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).