De of het rozenmaand?

Het juiste lidwoord is:

de rozenmaand

  • Meervoud: de rozenmaanden
Betekenis (tijdrekening, verouderd) zesde maand van het kalenderjaar

Zo gebruik je rozenmaand

Met lidwoordde rozenmaand
Dit of dezedeze rozenmaand
Dat of diedie rozenmaand
Ons of onzeonze rozenmaand
Jouwjouw rozenmaand
Elk of elkeelke rozenmaand
Welk of welkewelke rozenmaand?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote rozenmaand, de grote rozenmaand
Meervoudde rozenmaanden, deze rozenmaanden

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).