De of het risicopatiënt?

Het juiste lidwoord is:

de risicopatiënt

  • Meervoud: de risicopatiënten
  • Verkleinwoord: het risicopatiëntje
Betekenis zieke die een grote kans loop op ernstige complicaties van zijn of haar ziekte

Zo gebruik je risicopatiënt

Met lidwoordde risicopatiënt
Dit of dezedeze risicopatiënt
Dat of diedie risicopatiënt
Ons of onzeonze risicopatiënt
Jouwjouw risicopatiënt
Elk of elkeelke risicopatiënt
Welk of welkewelke risicopatiënt?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote risicopatiënt, de grote risicopatiënt
Meervoudde risicopatiënten, deze risicopatiënten

Voorbeeldzinnen met risicopatiënt

  • Het aantal risicopatiënten dat een maagbloeding heeft gekregen omdat ze geen maagzuurremmers gebruiken, is vorig jaar met 16 procent toegenomen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).