De of het overgeblevene?

Het juiste lidwoord is:

de overgeblevene

  • Meervoud: de overgeblevenen
Betekenis persoon die er nog is terwijl de anderen zijn verdwenen

Zo gebruik je overgeblevene

Met lidwoordde overgeblevene
Dit of dezedeze overgeblevene
Dat of diedie overgeblevene
Ons of onzeonze overgeblevene
Jouwjouw overgeblevene
Elk of elkeelke overgeblevene
Welk of welkewelke overgeblevene?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote overgeblevene, de grote overgeblevene
Meervoudde overgeblevenen, deze overgeblevenen

Voorbeeldzinnen met overgeblevene

  • Pan stak zijn hand uit naar de vijf overgeblevenen en schudde elk om de beurt de hand.
  • Toen waren wij de enig overgeblevenen in het restaurant.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).