De of het outbreak?

Het juiste lidwoord is:

de outbreak

  • Meervoud: de outbreaks
  • Verkleinwoord: het outbreakje
Betekenis 1. uitbraak 2. (medisch) het uitbreken van een virusbesmetting

Zo gebruik je outbreak

Met lidwoordde outbreak
Dit of dezedeze outbreak
Dat of diedie outbreak
Ons of onzeonze outbreak
Jouwjouw outbreak
Elk of elkeelke outbreak
Welk of welkewelke outbreak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote outbreak, de grote outbreak
Meervoudde outbreaks, deze outbreaks

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).