De of het onderhoudstermijn?

Het juiste lidwoord is:

de onderhoudstermijn

Zo gebruik je onderhoudstermijn

Met lidwoordde onderhoudstermijn
Dit of dezedeze onderhoudstermijn
Dat of diedie onderhoudstermijn
Ons of onzeonze onderhoudstermijn
Jouwjouw onderhoudstermijn
Elk of elkeelke onderhoudstermijn
Welk of welkewelke onderhoudstermijn?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote onderhoudstermijn, de grote onderhoudstermijn