De of het nauticazaak?

Het juiste lidwoord is:

de nauticazaak

  • Meervoud: de nauticazaken
  • Verkleinwoord: het nauticazaakje
Betekenis (scheepvaart) een bedrijf dat zich bezighoudt met zaken die te maken hebben met de scheepvaart en de zeevaartkunde, zoals de verkoop, onderhoud, en dienstverlening voor boten, jachten …

Zo gebruik je nauticazaak

Met lidwoordde nauticazaak
Dit of dezedeze nauticazaak
Dat of diedie nauticazaak
Ons of onzeonze nauticazaak
Jouwjouw nauticazaak
Elk of elkeelke nauticazaak
Welk of welkewelke nauticazaak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote nauticazaak, de grote nauticazaak
Meervoudde nauticazaken, deze nauticazaken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).