De of het mingroei?

Het juiste lidwoord is:

de mingroei

Betekenis (economie, eufemisme) vermindering van de productie

Zo gebruik je mingroei

Met lidwoordde mingroei
Dit of dezedeze mingroei
Dat of diedie mingroei
Ons of onzeonze mingroei
Jouwjouw mingroei
Elk of elkeelke mingroei
Welk of welkewelke mingroei?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote mingroei, de grote mingroei

Voorbeeldzinnen met mingroei

  • Het zou dan ook de eerste staking zijn, die uiteindelijk niet de mingroei in de economie bevorderde, maar wellicht zou kunnen leiden tot het waarmaken van Den Uyl's wensdroom …
  • Het „Zaïrese kwaad” werd dit najaar door Moboetoe zelf in de zwartste kleuren afgeschilderd …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).