De of het mestkelder?

Het juiste lidwoord is:

de mestkelder

  • Meervoud: de mestkelders
  • Verkleinwoord: het mestkeldertje
Betekenis (landbouw) ondergrondse opslag voor mest

Zo gebruik je mestkelder

Met lidwoordde mestkelder
Dit of dezedeze mestkelder
Dat of diedie mestkelder
Ons of onzeonze mestkelder
Jouwjouw mestkelder
Elk of elkeelke mestkelder
Welk of welkewelke mestkelder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote mestkelder, de grote mestkelder
Meervoudde mestkelders, deze mestkelders

Voorbeeldzinnen met mestkelder

  • De afgelopen maanden deed de geoloog veel bodemonderzoek in de regio, met name op verzoek van boeren die problemen hebben met hun mestkelder.
  • "Door gebrek aan duidelijkheid zijn boeren de laatste weken toch mest uit gaan rijden, omdat ze ruimte in de mestkelder moeten hebben voor het seizoen teneinde is", staat in een persbericht.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).