De of het lifeguard?

Het juiste lidwoord is:

de lifeguard

  • Meervoud: de lifeguards
Betekenis (beroep) persoon die waakt over de veiligheid van badgasten en zwemmers in nood probeert te redden

Zo gebruik je lifeguard

Met lidwoordde lifeguard
Dit of dezedeze lifeguard
Dat of diedie lifeguard
Ons of onzeonze lifeguard
Jouwjouw lifeguard
Elk of elkeelke lifeguard
Welk of welkewelke lifeguard?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote lifeguard, de grote lifeguard
Meervoudde lifeguards, deze lifeguards

Voorbeeldzinnen met lifeguard

  • De koning ontmoette vanochtend vrijwillige redders en medewerkers van de Reddingsbrigade. Hij sprak met ze over preventie, waterhulpverlening en de opleiding tot lifeguard.
  • De aanwezigheid van lifeguards wordt daarom ook veel belangrijker, vertelt Jagersma.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).