De of het kruisbeuk?

Het juiste lidwoord is:

de kruisbeuk

  • Meervoud: de kruisbeuken
  • Verkleinwoord: het kruisbeukje
Betekenis (bouwkunde, religie) deel van een kerk tussen het koor en het schip dat dwars op de lengteas staat

Zo gebruik je kruisbeuk

Met lidwoordde kruisbeuk
Dit of dezedeze kruisbeuk
Dat of diedie kruisbeuk
Ons of onzeonze kruisbeuk
Jouwjouw kruisbeuk
Elk of elkeelke kruisbeuk
Welk of welkewelke kruisbeuk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kruisbeuk, de grote kruisbeuk
Meervoudde kruisbeuken, deze kruisbeuken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).