De of het bejaarde?

Het juiste lidwoord is:

de bejaarde

  • Meervoud: de bejaarden

Zo gebruik je bejaarde

Met lidwoordde bejaarde
Dit of dezedeze bejaarde
Dat of diedie bejaarde
Ons of onzeonze bejaarde
Jouwjouw bejaarde
Elk of elkeelke bejaarde
Welk of welkewelke bejaarde?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bejaarde, de grote bejaarde
Meervoudde bejaarden, deze bejaarden

Meervoud, verkleinwoord en vertaling: WikiWoordenboek, licentie CC BY-SA 4.0.