De of het kookcursus?

Het juiste lidwoord is:

de kookcursus

  • Meervoud: de kookcursussen
  • Verkleinwoord: het kookcursusje
Betekenis (onderwijs, kookkunst) een reeks lessen die als doel hebben om te leren een maaltijd te bereiden

Zo gebruik je kookcursus

Met lidwoordde kookcursus
Dit of dezedeze kookcursus
Dat of diedie kookcursus
Ons of onzeonze kookcursus
Jouwjouw kookcursus
Elk of elkeelke kookcursus
Welk of welkewelke kookcursus?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kookcursus, de grote kookcursus
Meervoudde kookcursussen, deze kookcursussen

Voorbeeldzinnen met kookcursus

  • Ik maak dat voor mijn kookcursus.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).