De of het sukkel?

Het juiste lidwoord is:

de sukkel

  • Meervoud: de sukkels
  • Verkleinwoord: het sukkeltje
Betekenis (scheldwoord) dom, onhandig persoon

Zo gebruik je sukkel

Met lidwoordde sukkel
Dit of dezedeze sukkel
Dat of diedie sukkel
Ons of onzeonze sukkel
Jouwjouw sukkel
Elk of elkeelke sukkel
Welk of welkewelke sukkel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote sukkel, de grote sukkel
Meervoudde sukkels, deze sukkels

Voorbeeldzinnen met sukkel

  • Elke minuut wordt er een sukkel geboren.
  • Wat een sukkel!
  • Mannen zijn sukkels als het om vrouwen gaat en ik weet zeker dat Tom geen uitzondering is.

Woorden die eindigen op sukkel

gesukkel

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Woorden die beginnen met sukkel

sukkelaar | sukkeldraf | sukkelgang | sukkelstraat

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).