De of het kerstverlof?

Het juiste lidwoord is:

het kerstverlof

  • Meervoud: de kerstverloven
Betekenis (kerst) verlof in de kerstperiode

Zo gebruik je kerstverlof

Met lidwoordhet kerstverlof
Dit of dezedit kerstverlof
Dat of diedat kerstverlof
Ons of onzeons kerstverlof
Jouwjouw kerstverlof
Elk of elkeelk kerstverlof
Welk of welkewelk kerstverlof?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot kerstverlof, het grote kerstverlof
Meervoudde kerstverloven, deze kerstverloven

Voorbeeldzinnen met kerstverlof

  • Met het kerstverlof ging het gezin op vakantie naar de sneeuw.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).