De of het janker?

Het juiste lidwoord is:

de janker

  • Meervoud: de jankers
  • Verkleinwoord: het jankertje
Betekenis 1. iemand die of dier dat jankt 2. jasje

Zo gebruik je janker

Met lidwoordde janker
Dit of dezedeze janker
Dat of diedie janker
Ons of onzeonze janker
Jouwjouw janker
Elk of elkeelke janker
Welk of welkewelke janker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote janker, de grote janker
Meervoudde jankers, deze jankers

Woorden die eindigen op janker

zijanker | sjanker

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Woorden die beginnen met janker

jankerd

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).