De of het benedenkerk?

Het juiste lidwoord is:

de benedenkerk

  • Meervoud: de benedenkerken
  • Verkleinwoord: het benedenkerkje

Zo gebruik je benedenkerk

Met lidwoordde benedenkerk
Dit of dezedeze benedenkerk
Dat of diedie benedenkerk
Ons of onzeonze benedenkerk
Jouwjouw benedenkerk
Elk of elkeelke benedenkerk
Welk of welkewelke benedenkerk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote benedenkerk, de grote benedenkerk
Meervoudde benedenkerken, deze benedenkerken

Meervoud, verkleinwoord en vertaling: WikiWoordenboek, licentie CC BY-SA 4.0.