De of het jammeraar?

Het juiste lidwoord is:

de jammeraar

  • Meervoud: de jammeraars
Betekenis iemand die gauw jammert

Zo gebruik je jammeraar

Met lidwoordde jammeraar
Dit of dezedeze jammeraar
Dat of diedie jammeraar
Ons of onzeonze jammeraar
Jouwjouw jammeraar
Elk of elkeelke jammeraar
Welk of welkewelke jammeraar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote jammeraar, de grote jammeraar
Meervoudde jammeraars, deze jammeraars

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).