De of het inbrenger?

Het juiste lidwoord is:

de inbrenger

  • Meervoud: de inbrengers

Zo gebruik je inbrenger

Met lidwoordde inbrenger
Dit of dezedeze inbrenger
Dat of diedie inbrenger
Ons of onzeonze inbrenger
Jouwjouw inbrenger
Elk of elkeelke inbrenger
Welk of welkewelke inbrenger?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote inbrenger, de grote inbrenger
Meervoudde inbrengers, deze inbrengers

Meervoud, verkleinwoord en vertaling: WikiWoordenboek, licentie CC BY-SA 4.0.