De of het buitenpasser?

Het juiste lidwoord is:

de buitenpasser

  • Meervoud: de buitenpassers
  • Verkleinwoord: het buitenpassertje
Betekenis (gereedschap) scharnierende passer met kromme, vaak halvemaanvormige stalen benen die wordt gebruikt voor het opmeten en controleren van buitenmaten van voorwerpen en de dikte ervan

Zo gebruik je buitenpasser

Met lidwoordde buitenpasser
Dit of dezedeze buitenpasser
Dat of diedie buitenpasser
Ons of onzeonze buitenpasser
Jouwjouw buitenpasser
Elk of elkeelke buitenpasser
Welk of welkewelke buitenpasser?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote buitenpasser, de grote buitenpasser
Meervoudde buitenpassers, deze buitenpassers

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).