De of het huishoudbeurs?

Het juiste lidwoord is:

de huishoudbeurs

  • Meervoud: de huishoudbeurzen
Betekenis 1. (economie) tentoonstelling waar nieuwe huishoudelijke benodigdheden worden tentoongesteld 2. beurs waarin het huishoudgeld wordt bewaard

Zo gebruik je huishoudbeurs

Met lidwoordde huishoudbeurs
Dit of dezedeze huishoudbeurs
Dat of diedie huishoudbeurs
Ons of onzeonze huishoudbeurs
Jouwjouw huishoudbeurs
Elk of elkeelke huishoudbeurs
Welk of welkewelke huishoudbeurs?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote huishoudbeurs, de grote huishoudbeurs
Meervoudde huishoudbeurzen, deze huishoudbeurzen

Voorbeeldzinnen met huishoudbeurs

  • De Huishoudbeurs heeft dit jaar minder bezoekers getrokken. De afgelopen negen dagen kwamen 220.000 mensen naar het evenement in de Amsterdamse RAI, vorig jaar waren dat er nog 250.000.
  • Bezoekers van onder meer de 50+-beurs, de VT Wonen-beurs en de Huishoudbeurs werden tussen 2015 en 2017 door de bedrijven benaderd met speciale beurskortingen op keukens.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).