De of het hotelplan?

Het juiste lidwoord is:

het hotelplan

  • Meervoud: de hotelplannen
  • Verkleinwoord: het hotelplannetje
Betekenis (horeca, toerisme) voornemen om ergens een hotel te vestigen

Zo gebruik je hotelplan

Met lidwoordhet hotelplan
Dit of dezedit hotelplan
Dat of diedat hotelplan
Ons of onzeons hotelplan
Jouwjouw hotelplan
Elk of elkeelk hotelplan
Welk of welkewelk hotelplan?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot hotelplan, het grote hotelplan
Meervoudde hotelplannen, deze hotelplannen

Voorbeeldzinnen met hotelplan

  • Volgens het college richten beide partijen (de gemeente en de initiatiefnemers van het hotelplan) zich nu op een ontwikkeling naast elkaar, ‘waarbij onderzoek wordt gedaan naar de synergievoordelen.’
  • De gemeenteraad had ingestemd met de hotelplannen omdat Kiev te weinig hotels heeft voor het EK Voetbal in 2012.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).