De of het hoofdhuurder?

Het juiste lidwoord is:

de hoofdhuurder

  • Meervoud: de hoofdhuurders
Betekenis de belangrijkste huurder (van een woning)

Zo gebruik je hoofdhuurder

Met lidwoordde hoofdhuurder
Dit of dezedeze hoofdhuurder
Dat of diedie hoofdhuurder
Ons of onzeonze hoofdhuurder
Jouwjouw hoofdhuurder
Elk of elkeelke hoofdhuurder
Welk of welkewelke hoofdhuurder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote hoofdhuurder, de grote hoofdhuurder
Meervoudde hoofdhuurders, deze hoofdhuurders

Voorbeeldzinnen met hoofdhuurder

  • Uiteindelijk, voordat de etage in de Nepveustraat weer werd overgedragen aan de sjoemelaar die de hoofdhuurder was, vond iemand Tonio's horloge boven op het muurtje dat de douche van de we scheidde.
  • Daarnaast mag de hoofdhuurder zich tijdelijk loco-burgemeester noemen van achttien inwoners.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).