De of het hoofddoekverbod?

Het juiste lidwoord is:

het hoofddoekverbod

  • Meervoud: de hoofddoekverboden
  • Verkleinwoord: het hoofddoekverbodje
Betekenis (religie, kleding) een beperking op het dragen van een hoofddoek (en soms andere religieuze symbolen) in specifieke publieke ruimtes (zoals scholen, OV, overheidsgebouwen) of op de werkvloer

Zo gebruik je hoofddoekverbod

Met lidwoordhet hoofddoekverbod
Dit of dezedit hoofddoekverbod
Dat of diedat hoofddoekverbod
Ons of onzeons hoofddoekverbod
Jouwjouw hoofddoekverbod
Elk of elkeelk hoofddoekverbod
Welk of welkewelk hoofddoekverbod?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot hoofddoekverbod, het grote hoofddoekverbod
Meervoudde hoofddoekverboden, deze hoofddoekverboden

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).