De of het honneur?

Het juiste lidwoord is:

de honneur

  • Meervoud: de honneurs
Betekenis 1. betuiging van beleefdheid en hoogachting, eerbewijs 2. (spel) speelkaart: aas, heer, vrouw, boer en in bepaalde spelen ook de tien in de troefkleur

Zo gebruik je honneur

Met lidwoordde honneur
Dit of dezedeze honneur
Dat of diedie honneur
Ons of onzeonze honneur
Jouwjouw honneur
Elk of elkeelke honneur
Welk of welkewelke honneur?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote honneur, de grote honneur
Meervoudde honneurs, deze honneurs

Woorden die beginnen met honneur

honneurs

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).