De of het herdrukken?

Het juiste lidwoord is:

de herdrukken

Zo gebruik je herdrukken

Met lidwoordde herdrukken
Dit of dezedeze herdrukken
Dat of diedie herdrukken
Ons of onzeonze herdrukken
Jouwjouw herdrukken
Elk of elkeelke herdrukken
Welk of welkewelke herdrukken?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote herdrukken, de grote herdrukken