De of het hazelaarsbos?

Het juiste lidwoord is:

het hazelaarsbos

  • Meervoud: de hazelaarsbossen
  • Verkleinwoord: het hazelaarsbosje
Betekenis een bosje met hazelaars

Zo gebruik je hazelaarsbos

Met lidwoordhet hazelaarsbos
Dit of dezedit hazelaarsbos
Dat of diedat hazelaarsbos
Ons of onzeons hazelaarsbos
Jouwjouw hazelaarsbos
Elk of elkeelk hazelaarsbos
Welk of welkewelk hazelaarsbos?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot hazelaarsbos, het grote hazelaarsbos
Meervoudde hazelaarsbossen, deze hazelaarsbossen

Voorbeeldzinnen met hazelaarsbos

  • De grond onder haar voeten was weer rustig, de stevige aarde van het hazelaarsbos; en toen ze in de poel keek zag ze afgebroken takken, door de vreemde wind die door het bos had gewoed.
  • Was het verwekt door Accolon op de dag van de zonsverduistering? Maar dan was het een kind van de God, die op die dag in het hazelaarsbos tot hen was gekomen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).