De of het havoscholier?

Het juiste lidwoord is:

de havoscholier

  • Meervoud: de havoscholieren
Betekenis (onderwijs) iemand die de havo bezoekt om onderwijs te volgen

Zo gebruik je havoscholier

Met lidwoordde havoscholier
Dit of dezedeze havoscholier
Dat of diedie havoscholier
Ons of onzeonze havoscholier
Jouwjouw havoscholier
Elk of elkeelke havoscholier
Welk of welkewelke havoscholier?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote havoscholier, de grote havoscholier
Meervoudde havoscholieren, deze havoscholieren

Voorbeeldzinnen met havoscholier

  • Slechts 13 jaar, havoscholier – en ingehuurd om in Duitsland een Hells Angel neer te schieten

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).