De of het handontsteking?

Het juiste lidwoord is:

de handontsteking

  • Meervoud: de handontstekingen
  • Verkleinwoord: het handontstekinkje
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis een verzamelnaam voor een ontstekingsreactie in de hand, pols of vingers. Dit kan verschillende oorzaken en uitingsvormen hebben, variërend van een bacteriële infectie tot overbelasting of reuma.

Zo gebruik je handontsteking

Met lidwoordde handontsteking
Dit of dezedeze handontsteking
Dat of diedie handontsteking
Ons of onzeonze handontsteking
Jouwjouw handontsteking
Elk of elkeelke handontsteking
Welk of welkewelke handontsteking?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote handontsteking, de grote handontsteking
Meervoudde handontstekingen, deze handontstekingen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).