De of het glastuinder?

Het juiste lidwoord is:

de glastuinder

  • Meervoud: de glastuinders
Betekenis 1. (tuinbouw, beroep) eigenaar van een tuinbouwbedrijf met kassen 2. (tuinbouw) glastuinbouwbedrijf

Zo gebruik je glastuinder

Met lidwoordde glastuinder
Dit of dezedeze glastuinder
Dat of diedie glastuinder
Ons of onzeonze glastuinder
Jouwjouw glastuinder
Elk of elkeelke glastuinder
Welk of welkewelke glastuinder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote glastuinder, de grote glastuinder
Meervoudde glastuinders, deze glastuinders

Voorbeeldzinnen met glastuinder

  • De glastuinbouw is een van de grootste gasverbruikers van Nederland.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).