De of het gifangel?

Het juiste lidwoord is:

de gifangel

  • Meervoud: de gifangels
Betekenis (dierkunde) angel waaruit bij een steek vergif wordt ingespoten

Zo gebruik je gifangel

Met lidwoordde gifangel
Dit of dezedeze gifangel
Dat of diedie gifangel
Ons of onzeonze gifangel
Jouwjouw gifangel
Elk of elkeelke gifangel
Welk of welkewelke gifangel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote gifangel, de grote gifangel
Meervoudde gifangels, deze gifangels

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).