De of het fietsbord?

Het juiste lidwoord is:

het fietsbord

  • Meervoud: de fietsborden
  • Verkleinwoord: het fietsbordje
Betekenis 1. verkeersbord dat aangeeft dat een weg of deel van een weg een verplicht fietspad is 2. informatiebord voor fietsers

Zo gebruik je fietsbord

Met lidwoordhet fietsbord
Dit of dezedit fietsbord
Dat of diedat fietsbord
Ons of onzeons fietsbord
Jouwjouw fietsbord
Elk of elkeelk fietsbord
Welk of welkewelk fietsbord?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot fietsbord, het grote fietsbord
Meervoudde fietsborden, deze fietsborden

Voorbeeldzinnen met fietsbord

  • Nu staan er drie fietsborden die haar naam dragen.
  • Het eerste fietsbord in nieuwe stijl staat straks aan de Morshoekweg in Hengelo, naast de golfbaan van Golfclub Driene.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).