De of het fatsoensmens?

Het juiste lidwoord is:

het fatsoensmens

  • Meervoud: de fatsoensmensen
Betekenis iemand die heel beleefd is; iemand die heel fatsoenlijk is; iemand die een beetje burgerlijk en bekrompen is

Zo gebruik je fatsoensmens

Met lidwoordhet fatsoensmens
Dit of dezedit fatsoensmens
Dat of diedat fatsoensmens
Ons of onzeons fatsoensmens
Jouwjouw fatsoensmens
Elk of elkeelk fatsoensmens
Welk of welkewelk fatsoensmens?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot fatsoensmens, het grote fatsoensmens
Meervoudde fatsoensmensen, deze fatsoensmensen

Voorbeeldzinnen met fatsoensmens

  • Hoe kon een burgerlijk fatsoensmens, J.
  • Het is, nogmaals, niet zijn natuurlijke stijl, maar het lijkt er sterk op dat het perskorps dermate geobsedeerd is door de demon op de rechterflank, Wilders …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).